Korte geschiedenis van het Oranjehotel

Het complex cellenbarakken, dat in de bezettingsjaren de bijnaam 'Oranjehotel' kreeg, werd in 1919 in gebruik genomen. In de periode tot 1940 werden er smokkelaars, dienstweigeraars en kortgestraften gedetineerd. In mei 1940 hebben er tot aan de capitulatie van het Nederlandse leger ook Duitse krijgsgevangenen gezeten.

Toen de bezettende macht na de meidagen van 1940 de eerste gevangenen wilde onderbrengen, werden enkele vleugels van de cellulaire strafgevangenis aan de Pompstationsweg voor dat doel gevorderd, óók om ruimte te krijgen voor disciplinair gestrafte Duitse soldaten. In november 1940 werd het cellenbarakkencomplex gevorderd en kreeg het de naam 'Deutsches Polizeigefängnis'. De vleugels in de strafgevangenis bleven in gebruik onder de naam 'Deutsches Untersuchungs- und Strafgefängnis'.

Het personeel bestond aanvankelijk uit civiele gevangenisbewakers. Later kwamen de Cellenbarakken onder de Sicherheitsdienst, maar de vleugels in de strafgevangenis bleven onder burger gevangenispersoneel.

De Polizeigefängnis kreeg al snel de bijnaam 'Oranjehotel'. Wie die naam het eerst gebruikt heeft is niet bekend. Hoe die naam ingeburgerd was mag blijken uit het feit dat, toen de gérant van het echte Oranjehotel in Scheveningen telefonisch bestellingen deed in Den Haag, deze bij de gevangenis werden afgeleverd! Gedurende de oorlogsjaren hebben in het 'Oranjehotel' steeds een 1200 – 1500 gevangenen gezeten. Hoeveel in totaal is niet precies bekend, maar het kan worden geschat op 26.000/30.000. Gemiddeld zat men 1 tot 3 maanden in het 'Oranjehotel', soms met vier tot vijf mensen in één cel.

Hoofd van het 'Oranjehotel' waren in de oorlogsjaren achtereenvolgens:
- Hans Joch (mei 1941 – juni 1942)
- Wilhelm Boy (juni 1942 – febr. 1944)
- Johann Schweiger (febr. 1944 – mei 1945)

Op 7 juni 1944, de dag na de Geallieerde invasie in Normandië, werden alle gevangenen uit het 'Oranjehotel' naar het concentratiekamp Vught overgebracht. Het stond toen een tijdje leeg, maar na drie maanden bevonden er zich weer duizenden nieuwe gevangenen.

Gedurende de eerste jaren na de oorlog zaten in de cellenbarakken veel politieke delinquenten, NSB-ers e.d.. Mussert, leider van de Nederlandse Nationaal Socialistische Beweging, zat er ook en hij is van deze gevangenis uit op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd. Ook Rauter, hoofd van de Duitse politie, heeft er gevangen gezeten.

Cel 601Evenals de gevangenen tijdens de bezettingsjaren deden, hebben die politieke delinquenten op de celmuren allerlei teksten aangebracht. Die zijn later uiteraard verwijderd.

Van 1946 af wordt in de oude cellenbarakken ieder jaar door de 'Stichting Oranjehotel' een herdenking georganiseerd. Na het uitspreken van een herdenkingsrede en met het 'Onze Vader' en het 'Wilhelmus' op de lippen en in het hart loopt men langs de stille Gewijde Gang langs Doodencel 601, waarvan de deur dan openstaat.

Cel 601, één van de Doodencellen waarin de verzetshelden hun laatste uren hebben doorgebracht

Klik hier voor een fotoreportage van cel 601, gemaakt door Jan Louis van den Oever

Monument Oranjehotel - Albert Termote
Nieuwe Haagsche Courant van
maandag 29 juli 1946

Het monument tegen de muur van het ´Oranjehotel´ aan de Stevinstraat te Scheveningen, werd op zaterdag 16 september 1950 onthuld door koningin Juliana.

Het is ontworpen door Albert Termote.

 

bron:
40 jaar Stichting Oranjehotel 1945 – 1985
uitgegeven door de 'Stichting Oranjehotel' en samengesteld door de toenmalige secretaris van genoemde Stichting.

Zie ook de site van het Oranjehotel